REDERIJK









Rederijkers houden zich bezig met taal en traditie; niet toevallig uit dat zich vaak in gedichten. Dit geldt ook voor de rederijkers te Breda. Voor andersoortige voortbrengsels van de kamerleden kunt u rechtsboven, onder Pagina`s, klikken op En verder..

woensdag 6 mei 2026

Maandzang april 2026

Een nieuwe lente en een oud geluid,

zo zongen al de troubadours:

de bermen bloeien, struiken botten uit.

Een bloemrijk dichter kan op deze toer

nog vele strofen vullen met natuur

met vogels zingend in het ochtenduur.

Voeg daarbij jambe, dactylus of anapest,

en de dichter voelt zich op zijn best.

De inhoud doet daarbij gewoon de rest:

natuurbeleving vult gemakkelijk kwatrijnen,

aan geur- en kleurenmetaforen geen gebrek.

Maar red je het, zo schrijvend, op den duur

met het vervaardigen van een refrein?

Ik heb daar zo mijn twijfels aan

en moet mij hier nog even op bezinnen.

Laat mij maar eerst met ander werk beginnen.

Natureingang is voor tevredenen of legen,

en in een bos kan nu snel brand ontstaan.

Een beetje dichter kan er niet meer tegen

- het zal de slimme lezer niet ontgaan –

alleen maar over bloesem te oreren.

In deze tijd van AI- intelligentie

heeft een dichter andere pretenties

en zal hij hoger honing meer waarderen.

Waar de kranten zoal vol van staan,

de social media het dak uitgaan,

dat is voorgoed gefundenes Fressen

om des dichters dorst naar dicht te lessen.

Maar laat dit dichterlijke vrijheid onverlet?

Met deze twijfel eindigt het sonnet.

En rederijkersvormen zijn ook fijn,

zo luidt de laatste zin van dit refrein.

 

Factor Herman